Het ABC-model helpt om de context van de gegeven omstandigheden helder te krijgen, zodat iemand kan handelen in overeenstemming met diens waarnemingen. Hierdoor kun je optimaler functioneren en verklein je hiermee de kans op 'mindfucks.'

Het ABC-model is afkomstig uit de Rationeel-Emotieve Therapie (RET) en is ontwikkelt door de Amerikaanse psychotherapeut A. Ellis. Het ABC-model heeft alles te maken met het menselijk functioneren.

Het functioneren bestaat uit vier elementen, te weten:

  • zintuiglijk waarnemen;
  • denken;
  • voelen;
  • en handelen.

Vaak gaat er iets verkeerd in het functioneren, omdat je veronderstelt iets te hebben gezien of gehoord, terwijl dit niet klopt. Wanneer je vervolgens gaat handelen op basis wat je dacht te hebben waargenomen, kun je in allerlei onplezierige situaties terecht komen.

Voorbeeld:
Ik loop op straat en ik zie mijn vriendin een man kussen. Ik loop kwaad op haar af en begin haar verwijten te maken. Zij vertelt geschrokken dat de man haar neef uit Australië is die onverwacht is overgekomen. Ik voel dat ik een rode kleur krijg en voel me erg ongemakkelijk...

Het ABC-model geeft je de mogelijkheid om dergelijke pijnlijke situaties te voorkomen.

  • A staat symbool voor de gebeurende werkelijkheid of zoals je wilt: de gegeven omstandigheden. Bij A staat het inwinnen van informatie centraal. Je neemt waar wat er om je heen gebeurt.
  • B staat symbool voor alle denkprocessen en gevoelsbelevingen die ontstaan of op gang worden gebracht naar aanleiding van de ingewonnen informatie bij A. Het denken en voelen functioneren als een filter waarbij de informatie wordt verwerkt, beoordeeld, afgewogen, geassocieerd, geplaatst, gewaardeerd, geëtiketteerd en opgeslagen in het geheugen.
  • C staat symbool voor je handelwijzen en/of gedrag dat je vertoont als een reactie op de ingewonnen en verwerkte informatie bij A. Met andere woorden: wanneer B zijn werk goed doet, dient je handelwijze in overeenstemming te zijn met de waargenomen gebeurende werkelijkheid.

Voorbeeld:
Je ziet een auto tegen een boom aanrijden (A). Je schrikt en denkt dat je het alarmnummer moet bellen (B). Je rent naar een telefooncel en belt het alarmnummer (C).

Ervaar de dynamiek van belevend leren!

Wat we doen is veelzijdig. Trainingsburo GOAL trainingen.